06 Gevaarlijke stoffen - Organisme
 >  Asbestprotocol P1.2.17
Introductie

1          Doelstelling:

  • Voorkomen dat medewerkers van Kuijpers en/of medewerkers van onze opdrachtnemers bij de uitvoering van werkzaamheden (onbedoeld) worden blootgesteld aan asbest.


         Dit protocol geeft:

  • Uitleg over de wet- en regelgeving m.b.t. asbest.
  • De vertaling van deze wet- en regelgeving naar concrete beheers- en voorzorgsmaatregelen voor de volgende situaties:
  1. Het aannemen van (nieuwe) opdrachten;
  2. De voorbereiding en uitvoering van werkzaamheden;
  3. Het omgaan met blootstelling aan asbest in een zo vroeg mogelijk stadium.


Per situatie is aangegeven welke functies en rollen specifieke taken hebben om de situatie beheersbaar te houden of te maken.


2          Input:

  • Asbest inventarisatierapport niet ouder dan 3 jaar.
  • Indien asbestsaneringswerkzaamheden hebben plaatsgevonden, een Asbest eindbeoordelingsrapportage na asbestverwijdering conform NEN 2990.
  • Aanvullend risicobeoordeling conform de NEN2991.
  • Asbestbeheersplan.
  • Asbestprotocol Kuijpers.
  • Arbocatalogus Asbest in installatie en isolatiebranche (ArboTechniek).


3          Output:

  • Kuijpers VeiligApp.
  • F034 Startformulier KLP.
  • VGM-plan/ TRA.
  • Brief aan betrokken medewerkers/ inleners/ onderaannemers.
  • Brief aan opdrachtgever.
  • Asbestregister.
  • Asbestdossier.


4          Relevante wetgeving

Wetgeving/regelgeving rondom asbest is vrij ingewikkeld. Hieronder de belangrijkste die voor ons van toepassing zijn:

  1. Asbestverwijderingsbesluit 2005

In het Asbestverwijderingsbesluit 2005, dat op 1 maart 2006 in werking is getreden, zijn regels opgesteld m.b.t. het geheel of gedeeltelijk afbreken, slopen, onderhouden, renoveren of repareren van bouwwerken of objecten (installaties) die voor 1994 gebouwd of vervaardigd zijn, waarbij asbest of asbesthoudende producten worden verwijderd.
Het Asbestverwijderingsbesluit geldt voor particulieren, opdrachtgevers, werkgevers en zelfstandigen zonder personeel.

De opdrachtgever dient voorafgaande aan bovengenoemde activiteiten een asbestinventarisatierapportage ter beschikking te stellen dat niet ouder is dan 3 jaar.

Als besloten wordt tot verwijdering van het asbest dient na verwijdering een eindbeoordelingsrapportage na asbestverwijdering (volgens de NEN2990) ter beschikking te worden gesteld.

  1. Arbeidsomstandighedenbesluit:

Het Arbeidsomstandighedenbesluit geeft voor asbest concrete bepalingen in:

    • Hoofdstuk 2, afdeling 5 (bouwproces);
    • Hoofdstuk 4, afdeling 5 (aanvullende voorschriften asbest);
    • Hoofdstuk 8, afdeling 1 (persoonlijke beschermingsmiddelen).


Het Arbeidsomstandighedenbesluit schrijft onder andere voor dat een bedrijf dat asbest wil verwijderen of wil opruimen, eerst een asbestinventarisatierapport moet laten opstellen door een gecertificeerd inventarisatiebedrijf. Zo'n rapport beschrijft de risicoklasse waarin de werkzaamheden met asbest worden ingedeeld.

  1. Bouwbesluit 2012

Het Bouwbesluit bevat voorschriften in kader van veiligheid, gezondheid, bruikbaarheid, energiezuinigheid en milieu voor het bouwen, gebruiken en (geheel of deels) slopen van bouwwerken. In het Bouwbesluit staan ook aspecten vermeld over asbest, die geheel aansluiten op de regels zoals vermeld bij het Asbestverwijderingsbesluit 2005 (zie punt I).

Bij het laten verwijderen van asbest uit een bouwwerk, dient tijdig een sloopmelding gedaan te worden bij de gemeente. Het asbest moet in de meeste gevallen verwijderd worden door een gecertificeerd asbestverwijderingsbedrijf. Dit bedrijf regelt in de meeste gevallen ook de sloopmelding namens op opdrachtgever.


Grenswaarde

De grenswaarde voor chrysotiel (witte asbest) en amfibolen (amosiet = bruine asbest en crocidoliet = blauwe asbest) bedraagt 2000 vezels/m3 (TGG - 8 uur) (laatste wijziging dateert van 1 januari 2017).


Asbestbeheersplan

Asbest hoeft niet altijd direct verwijderd te worden als er geen sloop- of renovatieplannen zijn dan wel geen (directe) risico’s geven voor werknemers. Als asbest in een gebouw kan en mag blijven zitten, kan een asbestbeheersplan worden opgesteld door een gecertificeerd advies- en ingenieursbureau. De opdrachtgever/ gebouweigenaar is hier verantwoordelijk voor.


Dit asbestbeheersplan beschrijft hoe een gebouw op een veilige manier kan worden gebruikt als asbest niet (volledig) wordt verwijderd. Voor de beoordeling van het blootstellingsrisico in gebouwen die nog in gebruik zijn, is gedetailleerde informatie nodig. Op basis van objectieve criteria moet zijn vastgesteld of, en zo ja welke, maatregelen genomen moeten worden om het gebouw een veilige (werk)situatie te behouden of te bewerkstelligen.


De belangrijkste elementen in een asbestbeheersplan zijn:

  • Wat er met het asbesthoudend materiaal gaat gebeuren (gaat men het onberoerd laten, fixeren, inkapselen of in de toekomst verwijderen);
  • Hoe de blootstelling aan asbest van de gebruikers van het gebouw wordt voorkomen;
  • Hoe de toestand van asbesthoudende materialen wordt gecontroleerd en met welke periodiciteit (monitoring).


Controleer dus of deze maatregelen zijn getroffen en neem het volgende in acht:

  • Hierin kunnen gebruik beperkende maatregelen staan (zoals niet boren of bewerken), informatie die bij de gebruikers bekend moet zijn en wat men moet doen als door een ongeluk schade is ontstaan (noodplan).
  • Ook moet periodiek worden gecontroleerd wat de staat van het asbesthoudende materiaal is, en of onderhoud dan wel maatregelen nodig zijn. Asbesthoudend materiaal dat bij normaal gebruik van het gebouw beschadigd kan worden moet ten minste éénmaal per jaar worden gecontroleerd. Deze controle bestaat uit een visuele inspectie en indien nodig wordt aanvullend de lucht en/of het stof onderzocht. Aan de resultaten worden zo nodig acties gekoppeld (saneren of aanpassen van het asbestbeheersplan).
  • Let op: Bij asbesthoudende producten waarbij geen bindmateriaal is toegepast, moet periodiek gecontroleerd worden op de verspreiding van asbesthoudend stof. De frequentie van dit onderzoek is afhankelijk van de ernst van de situatie, maar tenminste eenmaal per jaar.


5          Situaties bij constatering van Asbest

Terugkijkend op de eerdergenoemde situaties, zijn er 3 situaties te benoemen waarbij het onderwerp asbest naar voren komt, te weten bij:

  1. Het aannemen van (nieuwe) opdrachten. Dus voorafgaande aan of direct na verstrekking van de opdracht/ voor uitvoering van de werkzaamheden;
  2. Tijdens uitvoering van de werkzaamheden;
  3. Bij blootstelling aan asbest, waarbij de hiervoor genoemde situaties en beheersmaatregelen de blootstelling aan asbest niet hebben voorkomen.


Iedere procesfase wordt hieronder nader toegelicht. Tevens is er een stroomschema opgesteld van de 3 procesfasen die in grote lijnen een totaalbeeld geven van de processtappen.

Een T.B.V.-matrix (taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden) vind je per procesfase terug in hoofdstuk 7.


  1. Voor of vrijwel direct na verstrekking van de opdracht

Voorafgaand aan of direct na een opdracht voor een project (sloop of renovatie) of contract (onderhoud) aan bouwwerken of objecten (installaties) die gebouwd zijn voor 1 januari 1994 dient de opdrachtgever (of eigenaar van het pand of installatie) een asbestinventarisatierapport ter beschikking te stellen. Een asbestinventarisatierapport mag niet ouder zijn dan 3 jaar.

Wanneer er verwijdering van asbest heeft plaatsgevonden, dient de opdrachtgever eveneens een eindbeoordelingsrapportage na asbestverwijdering (volgens NEN2990) te overhandigen. Indien de opdrachtgever of eigenaar deze niet overhandigd of in bezit heeft, doe navraag op het alsnog aanleveren hiervan.


Bouwjaar gebouwen

Indien er twijfel of onbekendheid bestaat over het bouwjaar van een bouwwerk, kan dit eenvoudig nagegaan worden via de BAG-viewer van het Kadaster. Deze website is middels de volgende hyperlink inzichtelijk: https://bagviewer.kadaster.nl/lvbag/bag-viewer/index.html#?geometry.x=160000&geometry.y=455000&zoomlevel=0

Bovenstaande gaat over de acceptatie van het werk (verkoop). Deze beoordelingen dienen allemaal door Kuijpers Planontwikkeling KPO beoordeeld te zijn voordat (zie hierna) de werkvoorbereiding onderstaande stappen kan uitvoeren. Zodra bekend is wat de status is van het geaccepteerde werk in relatie tot asbest kan de werkvoorbereiding beoordelen welke consequenties deze status heeft.


Asbestinventarisatierapportage

Bij ontvangst van een asbestinventarisatierapportage is het belangrijk dat deze rapportage goed doorgelezen wordt. In de praktijk komt het regelmatig voor dat er slechts een gedeeltelijke asbestinventarisatie heeft plaatsgevonden van het gebouw of object (installatie). In dat geval dient goed beoordeeld te worden of de ruimten waar wij werkzaamheden gaan uitvoeren ook in het asbestinventarisatierapport staan opgenomen.

Bij onduidelijkheden of twijfel over de inhoud van de asbestrapportage, vraag om advies en ondersteuning bij de afdeling KAM.


Zodra de asbestinventarisatie niet volledig is voor de ruimten of objecten waar wij werkzaamheden moeten verrichten, dient voor aanvang van de werkzaamheden een aanvullende asbestinventarisatie uitgevoerd te worden en de resultaten te worden gecommuniceerd. Deze verantwoordelijkheid ligt bij de opdrachtgever of eigenaar van het gebouw/ object.


Sinds 1 januari 2017 gelden de volgende risicoklassen:

  • Risicoklasse 1: omvat saneringswerkzaamheden waarbij de vezelconcentratie van asbest onder de grenswaarden verwacht zal worden.
    Het beleid binnen Kuijpers geldt dat wij niet onder klasse 1 saneringswerkzaamheden uitvoeren. Dit ondanks dat verwijdering onder strikte wettelijke voorwaarden wel door een niet gecertificeerd bedrijf uitgevoerd zou mogen worden.
  • Risicoklasse 2 en 2A: omvat saneringswerkzaamheden waarbij de vezelconcentratie van asbest boven de grenswaarden verwacht zal worden.
    Saneringswerkzaamheden mogen enkel uitgevoerd worden door een asbestsaneringsbedrijf met een geldig Procescertificaat Asbestverwijdering. Via de website
    https://www.ascert.nl/ kan ingezien worden welke organisaties in het bezit zijn van een geldig certificaat.


Het asbestsaneringsbedrijf dient zorg te dragen voor een juiste afvoer van de vrijkomende asbesthoudende afvalstoffen. Vervoer van asbest mag alleen geschieden door een geregistreerde vervoerder en/of inzamelaar van afvalstoffen (deze dient in bezit te zijn van een VIHB-registratie).


VGM-methodieken

Om zorg te dragen voor de veiligheid en gezondheid van de werknemers inzake alle met de arbeid verbonden aspecten, moet voorafgaande aan onderhouds-, reparatie en/of renovatiewerkzaamheden aan bouwwerken en objecten (installaties) een VGM-methodiek (VGM-plan, TRA, e.d.)  worden opgesteld waarin duidelijkheid wordt gegeven over de aan- of afwezigheid van asbest, dan wel de werkwijze bij aanwezigheid.

De betrokken medewerkers dienen vervolgens hierover geïnformeerd/ geïnstrueerd te worden.


Het advies voor projectleiders en contractmanagers is om alle aspecten (alle besproken zaken en gemaakte afspraken) omtrent asbest met de opdrachtgever schriftelijk vast te leggen (bijvoorbeeld in notulen van de bouwvergadering, per e-mail, e.d.).


Als het risico bestaat dat medewerkers kunnen worden blootgesteld aan de aanwezige asbesthoudende producten, dan worden de werkzaamheden pas gestart zodra:

  • Het asbest is verwijderd door/ namens de opdrachtgever en een eindanalyserapportage (volgens NEN2990) aan ons is verstrekt.
  • Middels een asbestbeheersplan is aangetoond dat er geen (schadelijke) blootstelling kan plaatsvinden gedurende onze werkzaamheden.


  1. Tijdens uitvoering van de werkzaamheden

Asbest(verdachte) materialen tijdens de werkzaamheden

Als tijdens werkzaamheden asbest(verdachte) materialen worden ontdekt, stop dan direct met de werkzaamheden, zorg dat de ruimte afgesloten wordt zodat deze niet meer betreden kan worden en handel als volgt:

  1. Medewerker meldt het incident direct aan zijn direct leidinggevende op het werk (projectuitvoerder, chef-monteur, beheertechnicus, technisch beheerder, e.d.);
  2. Direct leidinggevende informeert projectleider/ contractmanager (indien dit nog niet gedaan is);
  3. Projectleider/ contractmanager maakt een melding aan in de Kuijpers VeiligApp;
  4. Projectleider/ contractmanager zal per ommegaand contact opnemen met de opdrachtgever en afdeling KAM, waarbij aangegeven wordt dat de werkzaamheden zijn stilgelegd. De projectleider zal vervolgens afspraken maken met de opdrachtgever welke acties door wie genomen moeten gaan worden;
    1. Inschakelen van een onafhankelijk en gecertificeerde organisatie voor monstername en/of inventarisatie van de asbest(verdachte) materialen.
      Monsternames nooit zelf uitvoeren, maar aan deskundigen overlaten;
    2. Indien na analyse blijkt dat het materiaal asbesthoudend is, asbest laten saneren door een gecertificeerde asbestsaneerder.
      • Mocht na analyse blijken dat het materiaal niet asbesthoudend is, dan kunnen de werkzaamheden hervat worden;
    3. Na ontvangst van de eindanalyserapportage van de asbestsaneerder, kunnen de werkzaamheden hervat worden.


Indien gewenst kan Kuijpers de hiervoor genoemde onderzoek(en) verzorgen voor de opdrachtgever. De kosten hiervan zullen in rekening worden gebracht bij de opdrachtgever. Kuijpers heeft een raamovereenkomst met SGS Search Ingenieursbureau voor dienstverlening op het gebied van asbestonderzoek en -advisering. Zij kunnen binnen een zeer korte tijd op locatie aanwezig zijn.

Telefoonnummers SGS Search:

Vestiging Heeswijk             :  0413 – 24 16 16

Vestiging Amsterdam        :  020 – 506 16 16

Vestiging Groningen          :  050 – 571 24 90

Vestiging Rotterdam         :  0413 – 29 29 82

Calamiteitenservice           :  0413 – 29 29 82 (24 uur per dag, 7 dagen per week bereikbaar). Onder calamiteiten worden incidenten verstaan waarbij asbestvezels zijn vrijgekomen en dit een (mogelijk) gezondheidsrisico vormt voor de aanwezigen.


Aanvullend kan Kuijpers, indien gewenst, een asbestsaneringsbedrijf inschakelen om naar aanleiding van de uitgevoerde asbestinventarisatie, saneringswerkzaamheden uit te laten voeren. In ons inkoopsysteem zijn diverse asbestsaneringsbedrijven opgenomen. De kosten hiervan zullen eveneens in rekening worden gebracht bij de opdrachtgever.

In alle fasen dient duidelijk met de opdrachtgever gecommuniceerd te worden dat alle extra kosten bij hun verhaald zullen gaan worden.


Bij asbestconstatering tijdens de uitvoering van de werkzaamheden, moet rekening worden gehouden met vertraging van de uit te voeren werkzaamheden en oplevering. Dit omdat het saneren niet direct na constatering wordt uitgevoerd.

Voor elke sanering geldt dat er vanuit wetgeving een sloopmelding gedaan moet worden. De behandeltermijn voor het afgeven van een sloopmelding bedraagt tussen de 5 werkdagen en
8 weken. Deze sloopmelding wordt veelal door de asbestsaneerder uitgevoerd.


Dit alles betekent dat in geval van situaties waarin asbest wordt aangetroffen en er acuut verwijderd moet worden, dit op basis van de hiervoor genoemde regels niet direct mogelijk is.


Zodra er een melding ontvangen wordt dat er asbesthoudende materialen zijn ontdekt nadat de werkzaamheden al zijn afgerond, volg dan het stappenplan op zoals vermeld bij punt 6.


Ondersteuning

Binnen de afdeling KAM zijn er personen opgeleid tot het herkennen van asbest. Zij kunnen mogelijk ondersteuning bieden bij meningsverschillen, beoordeling van rapportages, hoe te handelen bij twijfel, e.d.

Van iedere interventie wordt een kort en bondig verslag (incl. de resultaten van eventuele monstername door externe deskundigen) gemaakt voor het projectdossier.


Acties bij (schadelijke) blootstelling

Om eventuele gezondheidsrisico’s te bepalen n.a.v. blootstelling aan asbestvezels, dient richting de opdrachtgever/ eigenaar als een dringend advies te worden verzocht om een aanvullend risicobeoordeling onderzoek te laten uitvoeren conform de norm NEN 2991.


Deze norm bepaald hoe blootstellingsrisico’s moeten worden gemeten. De metingen kunnen bestaan uit:

  • Luchtmonsters met goud bedampte filters ten behoeve van het bepalen van de luchtkwaliteit (actueel risico);
  • Kleefmonsters (tape) voor het bepalen van de aanwezigheid van asbestvezels in stof (potentieel risico).


De analyses worden uitgevoerd door middel van Scanning Elektronen Microscopie (SEM) om daadwerkelijk en exact te kunnen zeggen of er asbestvezels worden aangetroffen (kwaliteit) en in welke mate (kwantiteit).

Een andere wijze waarop de blootstellingsrisico’s bepaald kunnen worden is het uitvoeren van een retrospectief onderzoek. Bij dit onderzoek wordt de situatie/ gebeurtenis nagebootst in containment door opgeleid personeel met de benodigde PBM en meetapparatuur.


Mocht de opdrachtgever/ eigenaar geen aanvullend risicobeoordelingsonderzoek willen uitvoeren of de situatie op de werkplek is dusdanig aan veranderingen onderhevig geweest, waarbij een dergelijk onderzoek geen representatief resultaat zal behalen, zal Kuijpers aanvullend aan de verkregen informatie een theoretische beoordeling doen op basis van een worst-case scenario.


  1. Blootstelling asbest bij medewerkers

Iedere werkgever is verplicht om een registratie bij te houden indien werknemers worden blootgesteld aan carcinogene stoffen, zoals asbest.

Hierdoor zullen alle incidentmeldingen waarbij medewerkers zijn blootgesteld aan asbestvezels worden bewaard voor een periode van minimaal 40 jaar.


Uitvoering stappenplan

Indien medewerkers zijn blootgesteld aan (schadelijke) concentraties asbestvezels (aangetoond middels een risicobeoordeling rapportage volgens NEN2991 of a.d.v. een theoretische beoordeling middels een worst-case scenario) zal onderstaand stappenplan worden opgevolgd waarin de te nemen acties, taken en verantwoordelijkheden zijn weergegeven.


Er zal een asbestdossier worden opgesteld, waarin geregistreerd wordt welke medewerkers (inclusief werknemers van onderaannemers of derden) op locatie aanwezig zijn geweest, dan wel een (uitgebreide) registratie van de aard, mate en duur van blootstelling, aangevuld met eventuele arbeidsgezondheidskundige onderzoeken.

Dit dossier dient minimaal voor 40 jaar te worden bewaard en dient na volledige afronding van onderstaand stappenplan te worden overgedragen aan de afdeling juridische zaken.


Stappenplan bij (schadelijke) blootstelling aan asbest

Stap

Actie

Verantwoordelijk

Ondersteunend


Informeren afdeling KAM en melding maken in de Kuijpers VeiligApp (mocht deze nog niet zijn gemeld)

Projectleider/ contractmanager

Direct leidinggevende op werklocatie


Informeren van juridische zaken en OR

Afdeling KAM

Projectleider/ contractmanager


Registratie medewerkers in asbestregister

Afdeling KAM

Projectleider/ contractmanager/ afdeling HRM


Opstellen brief voor medewerkers, inleners en/of onderaannemers.

Voor eigen medewerkers zal de brief worden opgenomen in het personeelsdossier

Afdeling KAM/ juridische zaken/ HRM

Projectleider/ contractmanager/ juridische zaken


Opstellen en versturen brief over aansprakelijkheid stellen van opdrachtgever/ eigenaar

Directie/ vestgingsleider/ juridische zaken (brief door directeur/ vestigingsleider ondertekend)

Projectleider/ contractmanager/ afdeling KAM


Versturen brief aan betrokken medewerkers/ inleners

Afdeling HRM (brief door clustermanager HRM ondertekend)

Projectleider/ contractmanager/ afdeling KAM


Versturen brief aan betrokken onderaannemer(s)

Directie/ vestgingsleider

Projectleider/ contractmanager


Informeren van de Arbodienst/ bedrijfsarts (versturen van kopie brief medewerkers volgens stap 6)

Afdeling HRM

Projectleider/ contractmanager


Afspraken maken voor eventuele consulten van betrokken medewerkers

Afdeling HRM

Projectleider/ contractmanager


Na afronding van alle stappen/ acties overdracht van asbestdossier aan afdeling juridische zaken

Afdeling HRM/ afdeling KAM/ projectleider/ contractmanager/ directie/ vestigingsleider



Indien een Arbodienst binnen een termijn van 40 jaar beëindigd wordt op voortbestaan, zal het asbestdossier worden overgedragen aan De Nederlandse Arbeidsinspectie.


6          Werkwijze onjuiste omgang asbest door derden

Ondanks de wet- en regelgeving, dan wel handhaving en toezicht door landelijke of regionale overheidsinstanties, kunnen er situaties ontstaan, waarbij derden niet op een juiste wijze omgaan met het verwijderen of bewerken van asbesthoudende producten.

Het illegaal verwijderen van asbest is zelfs strafbaar.


Handhaving en toezicht (bestuursrechtelijk/ strafrechtelijk) vinden plaats door de volgende overheidsinstanties:

  1. De omgevingsdiensten vanuit gemeenten houden toezicht op de naleving van de voorschriften van het Bouwbesluit (2012) voor het slopen van asbest uit bouwwerken en treden zo nodig bestuursrechtelijk op tegen overtredingen van die voorschriften door illegale (asbest)sloopactiviteiten op te sporen.
  2. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) houdt toezicht op de naleving van de voorschriften van het Asbestverwijderingsbesluit 2005 voor het uit elkaar nemen van asbesthoudende objecten en treedt zo nodig bestuursrechtelijk en/of strafrechtelijk op tegen overtreding van die voorschriften. Dit gebeurt zowel op eigen initiatief als na melding van een overtreding. De ILT controleert en handhaaft op het transport van asbestafval. De ILT houdt toezicht op de naleving van het Productenbesluit van het niet be- en verwerken en in voorraad hebben van asbesthoudende producten.
  3. De politie houdt toezicht op de naleving van de voorschriften van het Bouwbesluit voor het slopen van asbest uit bouwwerken, en de voorschriften van het Asbestverwijderingsbesluit 2005, voor het uit elkaar nemen van asbesthoudende objecten, en maakt zo nodig proces-verbaal op bij overtreding van die voorschriften, en treedt zo nodig strafrechtelijk op. Dit gebeurt zowel op eigen initiatief als na melding van een overtreding.
  4. De Nederlandse Arbeidsinspectie houdt toezicht op de naleving van de voorschriften van de Arbeidsomstandighedenwet door asbestverwijderings- en sloopbedrijven en op alle andere bedrijven die bij de uitvoering van hun werkzaamheden met asbest te maken (kunnen) krijgen, zoals onderhouds- en installatiebedrijven.
  5. Het Openbaar Ministerie (OM) zorgt voor de strafrechtelijke vervolging van overtredingen van het Asbestverwijderingsbesluit 2005, het Bouwbesluit, Wet milieubeheer en het Productenbesluit.


Bij het constateren van dergelijke situaties, neem contact op met de afdeling KAM.

Gezamenlijk zal bepaald worden of er een melding gemaakt dient te worden naar de juiste overheidsinstantie(s).


7.        T.B.V.-matrix

V = verantwoordelijk

U = uitvoerend

O = ondersteuning

Projectleider/ contractmanager

Werkvoorbereider

Operationele medewerkers

Opdrachtgever

Afdeling KAM

Juridische zaken

Afdeling HRM

Advies- en architectenbureau

Asbestsanerings bedrijf

Voor of direct na opdracht:










Aanwezigheid rapportages asbest installatie/ gebouwen vervaardigd voor 1994




V




U


Ter beschikking stellen rapportages asbest

U

U/ O


V






Beoordelen rapportages asbest

U

U



O





Saneren asbest/ conditioneren asbest




V





U

Eindanalyse rapportages saneringen









U

Tijdens uitvoering:










Stilleggen werkzaamheden bij verdacht materiaal

V


U







Melden Kuijpers VeiligApp

V/ U


U







Opvragen rapportages asbest

U



V






Monstername verdacht materiaal

O



V




U


Bepalen blootstellingsrisico’s a.d.v. rapportage monstername/ aanvullend onderzoek

V




U





Saneren asbest/ conditioneren asbest




V





U

Eindanalyse rapportages saneringen









U

Acties na blootstelling:










Melden Kuijpers VeiligApp

V/ U


U







Informeren juridische zaken





V/ U





Opstellen brief werknemer





V/ U

V/ U




Opstellen brief opdrachtgever samen met MT Kuijpers






V/ U




Informeren Arbodienst







V/ U



Overdracht dossier aan juridische zaken

U




U

V

U




8.        Herkenningspunten en voorbeelden asbesthoudende toepassingen

Herkenningspunten voor visuele herkenning van asbesthoudende producten

Om zeker te zijn of er sprake is van asbesthoudende producten, dient een monster van het verdachte materiaal in een laboratorium onderzocht te worden.

Toch zijn er wel een aantal herkenningspunten, waarbij we in sommige gevallen visueel kunnen beoordelen of er vermoedelijk sprake is van asbesthoudende producten, te weten:


Isolatiekoord: wijze van weven, niet asbesthoudende koord is perfect geweven, asbesthoudende koord is gevlochten of gedraaid

Bij plaatmateriaal: bij het zien van een honinggraat structuur is dit asbesthoudend

      

Imitaties van dure materialen zijn vaak asbesthoudend, zoals marmer imitaties, steenstrips, e.d.

Op pakkingen: het zien van glinsterende puntjes door met een (zak)lampje op de zijkant van de pakking te schijnen. Bij nieuwe pakkingen die niet asbesthoudend zijn kan een vermelding staan van NT (nieuwe technologie) of AFM (asbest free material)

Asbesthoudende pakking

Spuitasbest is te herkennen aan zijn wattenstructuur

 

Isolatieplaten, indien deze gebroken zijn, vertonen deze aan het breukvlak kleine vezeltjes


            Aantal voorbeelden van producten waar asbest in voor kan komen.

Gerelateerde afbeelding 

Dakplaten

asbest_inventarisatie

Brandwerende handschoenen

asbest%20kanalen%20onder%20de%20vloer%201

Riolering

asbest9

Isolatie leidingen

vensterbank

Vensterbanken

Asbest isolatie gasleiding

Gasleidingen

Asbestkoord1

Isolatiekoord

asbest11

Plafondplaten

asbest%20ventilatiekanalen%202

Ventilatiekanalen

Kartonnen asbest

Kartonnen asbestplaten

blauwe asbest

Blauwe asbest in de grond

asbest6

Isolatiedeken

Asbestpakkingen

Asbestpakkingen

Afbeeldingsresultaat voor asbest herkennen isolatie

Boilers of geisers

Afbeeldingsresultaat voor asbest in schakelkasten

Elektrische installaties

Schroefdraadverbindingen

Kit in ramen

Asbest in en om het huis | Milieu Centraal

Vloerbedekking




Tips > Voor meer informatie

Scan de volgende code met de app om deze toolbox te bekijken.