Acetyleen en zuurstof worden in de bouw veel gebruikt voor las- en snijwerkzaamheden. Beide gassen worden in gasflessen verpakt. Bij de verbranding van het brandgas acetyleen met zuivere zuurstof ontstaat een vlam met een hoge temperatuur, boven de 3000ºC. Het is het enige gasmengsel dat een verbrandingstemperatuur heeft die hoog genoeg is om staal te doen smelten en een aanvaardbare las-kwaliteit te verkrijgen. Acetyleen en zuurstofmengsels zijn in bijna alle verhoudingen explosief. Lekkage van gas en contact met ontstekingsbronnen moeten daarom worden voorkomen. Bovendien moet er gewezen worden op het gevaar van geconcentreerde zuurstof in de lucht. De brandbaarheid van materialen in de omgeving kan hierdoor snel oplopen. Naast de genoemde gassoorten zien we ook vaak argon en stikstof op de projecten staan.
Brandbare gassen
Als brandbare gassen in de juiste concentratie aanwezig zijn in lucht, branden of exploderen ze wanneer er een ontstekingsbron aanwezig is. Als het mengsel te arm of te rijk is, ontbrandt het niet. Rijke mengsels zijn echter wel gevaarlijk, omdat er explosieve concentraties kunnen ontstaan aan de buitenrand van het mengsel.
Acetyleen, ammoniak, waterstof, propaan, propyleen (propeen) en methaan zijn allemaal brandbare gassen. Wanneer deze worden gemengd met een oxidant en blootstaan aan een ontstekingsbron, branden ze. Hoe hoger de concentraties worden, hoe hoger het risico op ontbranding wordt. Wanneer de concentratie de hoge limiet (UEL) overschrijdt, wordt het mengsel te "rijk" om te kunnen branden, waardoor het risico op ontbranding afneemt.
In ieder reservoir of afgesloten ruimte kunnen ontsnappende brandbare gassen, ook in kleine hoeveelheden, onder bepaalde omstandigheden een brandbaar mengsel vormen. Ook in de buitenlucht of in grote, natuurlijk geventileerde werkruimten bestaat echter een klein risico dat brandbare gassen de lage drempelwaarde voor ontbrandbaarheid kunnen bereiken. Ook hier kan een lekkage van brandbaar gas een mengsel met de omringende lucht vormen, dat in brand kan vliegen of exploderen. Sommige van deze gassen zijn daarom voorzien van geurstoffen (odorisatie), zodat lekkage gemakkelijker wordt opgemerkt.
Giftige en corrosieve gassen
Dit zijn samengeperste gassen of dampen die, toegediend in damp-, wasem- of stofvorm met een concentratie van kleiner of gelijk aan 200 delen per miljoen (ppm) in volume of kleiner dan of gelijk aan 2 mg per liter, bij continue inademing gedurende 1 uur (of minder als de dood eerder intreedt) dodelijk zijn voor 50% van blootgestelde proefdieren ("LC50"; bij albinoratten met een gewicht van 200 tot 300 g per dier).
Brandbevorderende / oxiderende gassen
Oxiderende gassen zijn niet brandbaar, maar dragen door de afgifte van zuurstof bij aan de verbranding van andere materialen. Oxidanten in geconcentreerde toestand of onder druk mogen niet in contact komen met vet, olie of andere organische materialen of zelfs kleine hoeveelheden van die materialen. Lucht, stikstofdioxide en zuurstof zijn veelvoorkomende oxiderende stoffen. Als bijvoorbeeld niet op de juiste wijze wordt omgegaan met zuurstof, kan de omringende atmosfeer zuurstofrijk worden.
Gassen worden voor veel verschillende doeleinden gebruikt. Het gebruik van gassen vereist speciale voorzorgsmaatregelen:
Vervoer
Bij het vervoeren van gasflessen dienen we op de volgende zaken te letten:
In de regels voor het vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg (ADR) zijn bepaalde hoeveelheden vrijgesteld van de meeste voorschriften inzake het transportmiddel en vervoer. Voor het vervoer van gasflessen zijn diverse tabellen opgesteld, waarbij aangegeven wordt met welke hoeveelheid gasflessen en verschillende gassoorten er aan deze vrijstelling wordt voldaan.
Bij twijfel of indien er een overschrijding zal gaan plaatsvinden (denk hierbij aan circa 10 gasflessen of meer), neem dan contact op met de afdeling KAM.
Opslag
Scan de volgende code met de app om deze toolbox te bekijken.